In de Amsterdamse Rivierenbuurt, te midden van de vormrijke architectuurstijl 'de Amsterdamse School', werd Stefan de Vink op 6 november 1972 geboren. Tussen het glooiende lijnenspel van deze roemrijke architectuurstroming speelde hij op straat en groeide hij op. Dit decor zou weleens een inspiratiebron geweest kunnen zijn voor zijn latere schilderstijl. 

Van jongs af aan was hij al met potlood en papier in de weer. Je zou dus kunnen zeggen dat tekenen zijn hobby was. Maar misschien was deze zelf aangeleerde vaardigheid meer nog het middel om zijn ware passie tot uiting te kunnen brengen: 'ontwerpen & vormgeven'. In zijn schetsen als jongeling is te zien dat alle dagelijkse voorwerpen opnieuw werden vormgegeven. Stoelen, tafels, messen & vorken werden ontworpen. Maar ook auto's, huizen en zelfs hele stedelijke stratenplannen werden bedacht. Dat talent zou zijn verdere ontwikkeling dus weleens kunnen gaan bepalen. 

Het was echter een ander talent dat zijn levensloop een zekere richting heeft gegeven. Hij blonk op de middelbare school ook nog eens uit in de exacte vakken. En met hoge cijfers voor én Handvaardigheid én Wiskunde bij het eindexamen Havo, moest hij een keuze maken: de kunstacademie of toch de HTS. En het werd...

De HTS Technische Computerkunde heeft hij helemaal afgerond. En na verplicht het land verdedigd te hebben als laatste dienstplichtige militair, wist hij het zeker: "Met dit diploma ga ik niets doen".

Al op de helft van twaalf ambachten kwam hij per ongeluk in contact met een architect. Deze herkende zeker wel zijn talent voor het ontwerpen, maar ook zijn gebrek aan bouwkundige kennis. "Ontwerpen kan je wel, maar ga eerst eens leren hoe de ene baksteen op de andere wordt gelegd": was het advies. En zo gebeurde het dat Stefan opnieuw naar school ging. Dit keer de avondopleiding HTS Bouwkunde. In het tweede schooljaar kon hij als tekenaar in dienst komen bij een ander architectenbureau. Al snel werd ook hier zijn creativiteit herkend, en werd hij opgenomen in het ontwerpteam.

Maar omdat architectuuropdrachten door veel factoren en meningen worden beïnvloed (regelgeving, financiën, welstand, etc.), voelde Stefan op den duur de behoefte om dingen te creëren die niet gestuurd kunnen worden door de meningen van anderen. Hij vond deze creatieve uitlaatklep in 'kunst'. Eerst beeldhouwen (maar wat een stof geeft dat), later werd dit schilderen.

Zijn plan van aanpak? Gewoon beginnen, er plezier in hebben, leren van je fouten, en je verdiepen in hoe anderen het doen.

Maar na een aantal jaren voelde hij wel de behoefte om zijn schildertechnieken meer diepgang te geven. Daarom volgt hij al een aantal jaren schilderlessen bij kunstenaar Peter van Oostzanen uit Soest. Hier leert hij de schildertechniek zoals de oude meesters het eeuwen geleden al toepasten.

Het werk van Stefan heeft zich in de loop van de jaren ontwikkeld van eerste portretten en vrouwelijke figuren naar meer verhalende voorstellingen, waarbij humor vaak is terug te vinden. En altijd geschilderd met veel detail en precisie.